Verhalen en anecdotes uit de verpleeghuis zorg en kleinschalig wonen

gemarineerd

recept van de log dag varkensvlees gemarineerd in sinaasappelsap
3 sjalotjes
2 teentjes knoflook
1 rode Spaanse peper
3 perssinaasappels
1 eetlepel citroensap
1 theelepel tijm
zout, peper
600 gr magere varkenslappen
2 theelepels kruidenbouillonpoeder
3 eetlepels olie
keukenpapier

Pel en snipper de sjalotjes en de knoflook.
Maak de peper schoon, verwijder de zaadjes en hak de peper fijn.
Pers de sinaasappels uit.
Roer in een schaal de sjalot, knoflook, peper, het sinaasappelsap, citroensap, de tijm, zout en peper door elkaar (= marinade).
Snijd het vlees in blokjes, schep die door de marinade en zet ze afgedekt ± 2 uur in de koelkast.
Doe het vlees met de marinade en de bouillonpoeder dan over in een pan en voeg zoveel water toe dat het vlees net onder staat.
Breng het mengsel aan de kook en laat het vlees afgedekt in ± 30 minuten heel zachtjes gaar koken.
Laat het vlees in een vergiet goed uitlekken en dep het met keukenpapier droog.
Verhit de olie in een koekenpan en bak de blokjes vlees rondom bruin.

recept van de log dag varkensvlees gemarineerd in sinaasappelsap
is een artikel op manindezorg
verpleeghuis zorg kleinschalig wonen anekdotes recept en recepten dat is manindezorg

recept van de log dag gemarineerd en gevuld varkensribstuk met pruimen en kruidenspatzli
(6-8 personen)
Voor het vlees: 11/2 kg ontbeend varkensribstuk, 200 gr ontpitte gedroogde pruimen, 1 fles zuid-Franse rode wijn, bouquet garni van 1 winterwortel, 1 prei, 1 ui, 4 tenen knoflook, 1 laurierblaadje en 4 kruidnagels, zout, peper, 1-2 eetlepels bloem, 3 eetlepels olie
(wat aardappelzetmeel)
Voor de kruidenspatzli: 3-4 eetlepels fijngesneden verse kruiden (peterselie, selderij, bieslook en dragon), 100 gr bloem, 2 eieren,
zout, peper, nootmuskaat, 2 eetlepels olie, ± 30 gr boter, een ovenvaste braadpan
Maak met een aanzetstaal in het vlees over de hele lengte een gat en vul dit met de pruimen. Verwarm de rode wijn met het bouquet garni en schenk dit, voordat het kookt over het vlees. Marineer het vlees in de koelkast 24 uur. Pureer de kruiden voor de spazli en kneed ze met de bloem, eieren, zout, peper en nootmuskaat tot een glad deeg tot het deeg bellen blaast. Strijk het deeg met een paletmes op een houten plank uit. Breng in een ruime pan water met zout en de olie aan de kook, laat het deeg in dunne reepjes in het water vallen en kook die 2-4 minuten. Schep ze uit de pan, koel ze met koud water af en laat ze op een doek uitlekken. Verwarm de oven voor op 190 °C. Neem het vlees uit de marinade, dep het met keukenpapier droog en bestrooi het met zout, peper en 1-2 eetlepels bloem. Braad het vlees in een braadpan in 3 eetlepels olie rondom aan, blus af met de marinade en zet de pan in oven. Schakel de oven terug naar 160 °C en stoof het vlees in ± 1 uur gaar (schenk de marinade regelmatig over het vlees).
Neem het vlees uit de pan en houd het warm. Laat de marinade tot een mooie saus inkoken en bind de saus eventueel met aardappelzetmeel. Bak de spatzli voor het serveren in 30 gr boter en breng ze op smaak met zout en peper. Serveer er gegratineerde koolrabi bij.