Verhalen en anecdotes uit de verpleeghuis zorg en kleinschalig wonen

weg

nu zit hij opgesloten met van die ouwe lullen en ouwe taarten in een verpleeghuis en zit hij langzaam weg te kwijnen
Voor je het weet zit je opgesloten met van die ouwe lullen en ouwe taarten
Ik woon ongeveer tien jaar in mooi Hoogvliet. En drie huizen verder woonde en oude man. Toen ik kwam wonen daar was hij samen met zijn vrouw en stond hij volop in het leven. Zijn vrouw is een jaar of vijf geleden overleden.
Kinderen heeft hij wel, maar die komen af en toe langs. Ook een broer komt af en toe langs, maar die is ook al goed op leeftijd. Ondanks dat jij aardig wat mensen om zich heen heeft is hij best wel alleen. Directe mantelzorg ontbreekt. Nadat zijn vrouw is overleden is hij steeds meer op zichzelf gegaan, sloot zich af en zag je hem zelden meer.
Hij woont meer dan dertig jaar in het huis waar hij woont. Als ik hier weg ga, dan is het in een lijkauto, ik ga echt niet naar zo’n bejaarden pakhuis, gaf hij vaak aan. Ik blijf hier wonen tot mijn dood

Ik zag hem het laatste jaar zeer sterk achteruit gaan. Hij verwaarloosde zichzelf, en ja het interesseerde hem niet meer zo.
Hoe gaat het met u vroeg ik een jaar geleden
Ik ga hard achteruit
En hoe wil je het gaan doen in de toekomst
Ik…. Ik blijf hier wonen tot mijn dood
Nu kan je nog keuzes maken buurman…..

Hoe gaat het met u vroeg ik een half jaar geleden
Ik ga hard achteruit, ik kan de trap niet meer op, en ik heb hulp van de thuiszorg
En hoe wil je het gaan doen in de toekomst
De toekomst?
Ja, je kan nu al veel dingen niet, kunt u nog boven komen?
Ja gaf hij aan
En als u valt, kunt u direct hulp inroepen
Het werd stil….. erg stil
Wanneer trekt er iemand aan de bel en word uw afwezigheid opgevallen
Ik denk….. ja dat kan wel een dag of twee duren
En al aan de toekomst nagedacht?
Ik blijf hier tot mijn dood, die keuze maak ik zelf
Nu kan je nog keuzes maken buurman. Als je valt, en je breekt wat… kan je niet meer thuiskomen omdat er niemand is om op terug te vallen. Heel zwart wit…… er is een zeer grote kans dat er voor u gekozen gaat worden. Het kan wezen dat er gekozen gaat worden voor een verpleeghuis, dat je je huis gaat verliezen en nooit meer terugkomt.
Voor je het weet zit je opgesloten met van die ouwe lullen en ouwe taarten.
Ik…. Ik bepaal zelf wat ik doe…

Mijn buurman van drie huizen verder heeft een paar maanden geleden zijn heup gebroken. Werd gevonden na twee dagen. Lag sterk vervuild op de grond en had zichzelf compleet verwaarloost. Hij is naar het ziekenhuis gegaan, en omdat er elke vorm van hulp thuis ontbreekt en er geen mantelzorg was om hem op te vangen is hij opgenomen….. voor tijdelijk in een verpleeghuis. Voor tijdelijk….., maar zijn huis is onlangs leeggehaald….. en staat te koop. Alles waar hij trost op was, is weggedonderd.

Een jaar geleden sprak ik mijn oude buurman, die geen keuze wou maken. Geen keuze wou maken voor gelijkvloers en hulp van een zorginstelling. Dat zijn was werd gedaan, dat er in de recreatiezaal een warme maaltijd was. Dat hij nog kon wonen met zijn eigen spulletjes om zich heen waar hij zo zuinig op was. Die keuze heeft hij niet gemaakt. En nu…. Zit hij opgesloten met van die ouwe lullen en ouwe taarten in een verpleeghuis en zit hij langzaam weg te kwijnen….

Ga weg enge vent, ik ben je vrouw niet

by de man in de zorg on November 10, 2011

Ga weg enge vent, ik ben je vrouw niet
Waarom doe je zo raar, roept een mannelijke bewoner aan degene die tegenover aan de tafel zit van mijn kleinschalig woonproject voor dementerende bejaarden
Waarom moet je niets meer van me hebben
Ga toch weg joh, geeft de vrouwelijke bewoner aan
Waarom doe je me dit aan, na zoveel jaar
Ga weg. Ga weg
Maar ik ben toch je man
Ik kan je niet en ik ben niet je vrouw
Ik ben het Arie
Ik kan geen Arie, mijn man heet jan
Jan…. maar ik ben je man
Je bent mijn man niet
Waarom die je zo lelijk tegen me, ik heb je niets gedaan
Ga weg…. rot op
Ach lieverd, ik ben je man…… al zo lang
Ik ben je vrouw niet
kom…..
Raak me niet aan, of ik ga gillen
Maar je bent mijn vrouw….

Een man denkt dat de vrouw tegenover hem zijn vrouw is, maar het is zijn vrouw niet, maar een mede bewoner. Wat hij ook doet, telkens krijg hij te horen dat de vrouw waarvan hij denkt dat het zijn vrouw is, dat het niet zijn vrouw is. Telkens krijg hij te horen van deze vrouwelijke bewoner, dat hij haar man niet is.
Hij begrijpt het niet. Hij weet het zeker. Die vrouw tegenover hem is zijn vrouw
Hij weet het niet….. zijn vrouw is al twintig jaar dood, maar dat is hij vergeten. Hij is dementerende en woont op mijn afdeling voor kleinschalig wonen voor dementerende bejaarden….. in zijn denk en leefwereld is zijn vrouw is niet dood. Hij denkt dat de vrouw tegenover hem, zijn vrouw is. Hij weet het zeker…… maar waarom doet ze zo raar….