Verhalen en anecdotes uit de verpleeghuis zorg en kleinschalig wonen  »  Uncategorized   »   Wat zie je zuster een toegezonden gedicht

Wat zie je zuster een toegezonden gedicht

by de man in de zorg on June 23, 2005

wat zie je zuster een toegezonden gedicht
Wat zie je zuster?

Wat zie je zuster, wat zie je?
Wat denk je als je kijkt naar mij?
Een gebrekkig oud mens, niet helemaal wijs.
Met onhandige manieren, een afwezige blik.
Die kwijlt bij het eten en geen antwoord geeft.
Als je met harde stem zegt: “Ik wil dat je het probeert”
Die niet schijnt te zien wat je doet.
En altijd weer een kous of een schoen verliest.
Die weerloos of niet, me laat doen wat je wilt
Bij het baden en eten, als het de dag maar vult.
Is dat wat je van me vindt, is dat wat je van me ziet?
Doe dan je ogen eens open, want je kijkt niet echt naar mij.
Ik zal je zeggen wie ik ben, terwijl ik hier zit zo stil.
Terwijl ik beweeg op jouw bevel en eet wanneer en zoals jij dat wilt.
Ik ben een kind van 10, met een vader en een moeder
Met broertjes en zusjes die van elkaar houden
Op m’n zestiende een jong meisje met gevleugelde voeten
Die er van droomt spoedig een geliefde te ontmoeten
Met twintig een aanstaande bruid, mijn hart springt op
Als ik denk aan alles wat ik toen heb beloofd
Met vijfentwintig heb ik kinderen van mezelf
Die me nodig hebben voor een veilig en gelukkig thuis
Een vrouw van dertig, mijn kroost groeit nu snel
Verbonden met elkaar door een band die hopelijk blijvend is
Met veertig zullen mijn kinderen spoedig het huis verlaten
Maar mijn man blijft bij me zodat ik niet treur
Op mijn vijftigste spelen er weer baby’s op mijn knie
We hebben opnieuw kinderen, mijn fijne man en ik
Dan komen er donkere dagen, mijn man is dood
Als ik de toekomst bezie, ril ik van angst
Want mijn kinderen zijn veel te druk met hun eigen kroost
En ik denk aan de jaren en de liefde die ik toen heb gekend
Nu ben ik een oude dame en de natuur is wreed
Het is een wrede grap dat ze oude mensen belachelijk maakt
Het lichaam verschrompelt, kracht en schoonheid gaan heen
Waar eens mijn hart zat ligt nu een steen
Maar binnen dit oude karkas leeft nog steeds een jong meisje
En af en toe zwelt mijn gehavende hart
Dan herinner ik me de vreugde, ik denk aan de pijn
En ik leef mijn leven opnieuw en bemin
Ik denk aan die jaren, te kort, te snel voorbij
En aanvaard het naakte feit dat niets altijd blijft
Dag zuster, doe open je ogen en zie
Niet een gebrekkig oud mens, kijk beter zie mij.

Previous post:

Next post: